Over Linie Plukker

https://nl.wikipedia.org/wiki/Megchel_Doewina

Laatste wil

Sorry Fons, ik was in de afhandeling van jouw tobberijen dat hele testament vergeten. Testamenten vormen inderdaad een weerzinwekkende uitdaging. En omdat ze zoveel onbehagen wekken, laat men ze maar al te graag voor wat ze zijn: dingen die andere mensen op tijd correct regelen. Veel van die andere mensen denken trouwens: komt tijd, komt raad, we hebben kinderen, die zorgen overal wel voor.

Zelf heb ik al heel lang geleden een testament opgesteld, dat intussen zo oud is dat één begunstigde organisatie, in de categorie van het dierenwelzijn, al niet meer bestaat. De andere is Amnesty International. Naar die twee gaat de ene helft van mijn nalatenschap. De andere verdeel ik over mijn beide neven, die ik haast nooit zie, hun kinderen zou ik zo een, twee, drie niet eens herkennen, maar toch denk ik dat het goed is zo, hoewel hun slappe was niets te wensen overlaat en de mijne nog geen leertje in kan vetten. Dus valt er ook weinig te verdelen van mijn kant, wat op zich al een hele zorg minder is. En dan was er nog iets over dat alles in eerste instantie naar A. gaat, ik ben de finesses een beetje kwijt.

Wat ik trouwens ook wel heb gedaan, is een levenstestament opstellen, met daarin als vertrouwenspersoon eerst A, dan mijn broer en na diens overlijden de oudste van mijn beide neven, die desgevraagd antwoordde: ‘Het is mij een eer (geloof ik)’. Ik wil maar zeggen: heb je nog geen levenstestament, maak dat dan. Het is een minder hels karwei dan je denkt. Je hebt standaardvoorbeelden, die je stap voor stap vrij eenvoudig door de hete brij leiden. Maar je weet dit zelf allemaal allang vermoedelijk.

Zo wordt jullie eigen gouden neef dan degene die na de laatst overledene de boel verder afwikkelt. Of gaan jullie tegelijk heen? Dat kan ook, hè? Je ziet het soms in overlijdensadvertenties, samen dat zelfgekozen einde. Wij zijn het hier nog niet over eens. Je kunt wel zeggen: als we de 85 halen, stappen we er allebei uit, maar wat als er op dat moment één toch liever nog naar de 90 wil? Hè? Dan lig ik daar weer solo te simmen in dat praalgraf.

Tot zover onze laatste wil. Over onze eerste wil en het illusoire karakter ervan voer ik momenteel een discussie met de filosoof die een toespraak hield bij de onthulling van mijn inscriptie onder de Dobbelmanschoorsteen onlangs. Het is een dialectische discussie, met veel Lessing, Kant en Fukuyama, die steeds opnieuw een voorlopige synthese vindt in mijn gelijk. Op dit moment is hij nog aan het opkrabbelen van mijn meest recente zet, een analyse van Wim Helsens huidige theatershow met als motto ‘schuld bestaat niet’…

Leesclubs en andere ellende

Maar natuurlijk Fons kun je altijd bij mij terecht met tobberijen.
Als daar iemand in gespecialiseerd is, ben ik het.

Om te beginnen je Stichting Studiefonds Filippijnse Kinderen. Hoe komt men nou aan donateurs? Nou, bijvoorbeeld door zelf zo’n link aan te brengen du moment dat je het erover hebt. Niet dat dit gaat helpen. Je hebt alleen één tobberij minder, namelijk over het sub-optimaal onder de aandacht brengen van je Stichting Studiefonds Filippijnse Kinderen. Ook zou ik met genoegen reclame voor je maken op mijn website Doewina.nl, maar die trekt 0,0 bezoekers, ik zit er zelf ook nooit op, dus dat heeft evenmin veel zin. Kun je Groen Links niet vragen een advertentie of een artikel van je op te nemen in de krant waarvoor je telkens gratis kopij aanlevert? Daar mag toch wel eens iets tegenover staan? So wie so zou je een wervend verhaal kunnen schrijven en opsturen naar de Volkskrant en bij geen succes naar de NRC en zo voort, zolang je maar tijdig halt houdt vóór de Telegraaf. Niet geschoten is altijd mis. Maar een dood paard doneert in het algemeen weinig, dat klopt. Het heeft vaak reeds een eigen serie goede doelen en vindt dat het op die manier ruim voldoende geeft. Het vindt dat zijn politieke partij en de globale hulporganisaties waarvan het lid is maar moeten beoordelen welke meer specifieke doelen, zoals een Studiefonds voor kinderen in een ontwikkelingsland, zij met zijn lidmaatschapsgeld willen ondersteunen.

Maar wat je volgens mij het best zou kunnen doen is een crowdfundingsactie, bijvoorbeeld via Facebook, opzetten ten behoeve van de Stichting Studiefonds Filippijnse Kinderen.

Je tweede tobberij is ook zeer de moeite van het tobben waard. Bij ons heeft Groen Links weliswaar 100 % winst behaald, maar dat kwam vooral doordat ze de vorige keer nog niet meededen. Hebben jullie trouwens in Voorschoten echt een PSP? Of bedoelde je gewoon SP? Hoe dan ook hebben wij hier geen van beide en moet Groen Links (8,4%) net als de PvdA (9,4%), samen 17,7% van de stemmen, stof happen. Geen wethouder meer en in de Raad ook niet veel te vertellen.
Dapper Voorwaarts Fons, het hoofd fier en de blik op oneindig, iets anders rest ons niet.

En dan je columns in de krant. Die kan ik helaas niet groot genoeg dus leesbaar op mijn scherm krijgen. Misschien op mijn pc, dat zal ik nog proberen, maar op mijn tablet lukt het niet. Niettemin wil ik graag geloven dat ook die steeds tobberiger worden. Dat het tij nog gekeerd kan worden wat de klimaatverandering betreft, geloof ik ook niet. Hetzelfde geldt voor dat plastic overal, dat nu ook al in ons eigen bloed zit. Het vergt echt teveel van mijn voorstellingsvermogen om nog een aardige toekomst voor de generaties na ons te zien. Maar er zijn natuurlijk altijd de optimisten plus de zorgeloze niet-denkers, die hun hoop en vertrouwen in techische oplossingen hebben gestopt. Ik hoop met ze mee, maar vertrouwen… nee. Daarom ben ik wel blij geen kinderen te hebben. Met mijn soort persoonlijkheid, neurotisch tot in de haarvezels, had ik me helemaal kapot getobt.

Nu de leesclub. Kijk, daar kan ik wat mee. Dat wil zeggen hierin had je me eerder om raad moeten vragen. Dan had ik je op het hart gebonden te doen zoals ik altijd heb gedaan: standvastig weigeren om lid te worden van welke leesclub dan ook. Een nette manier om, als je eenmaal hebt toegezegd, er weer vanaf te komen is er eigenlijk niet. Althans je kunt long covid overwegen. Dat is ernstig en het duurt lang. Long covid is echt een goed excuus. Eén van de kenmerken is dat men eigenlijk nooit voldoende herstelt om in een leesclub mee te doen.

Het is een groot geschenk dat je over C. niet hoeft te tobben. Ik hoef dat ook niet over A., maar ik doe het natuurlijk wel. En ook tob ik over mijn verpleeghuis, waar ik zoveel intens verdriet tegenkom en elke keer maar weer moet zien hoe ik zo’n opgesloten dementerende bejaarde troost. Er is geen troost.

Over dat en andere dingen een volgende keer meer.
Ditmaal wilde ik alleen even jouw tobberijen te lijf gaan.

Dank ook weer voor je prachtige Gustave Riom!

Nu gauw, gauw naar Oss, naar Wim Helsen.
We hollen achter onszelf aan momenteel, maar dat geeft niet (#blijmetinlegkruisje).

Geuren en kleuren

 “Maar eerst moest ik schone sokken zien te versieren. Die van gisteren wou ik niet weer aan en die voor vandaag lagen thuis naar Dobbelman te geuren. Ik waste ze wel met Dreft, maar als ik ze van de lijn haalde roken ze alweer naar Dobbelman. In Nijmegen ruikt alles naar Dobbelman, vooral bij windstil weer.

Toen ik deze tekst schreef woonde ik in de Prof. Van Ginnekenstraat, vlakbij de toenmalige Mensa, op een kamer boven bij een hospita. Op die kamer, eigenlijk een slaapkamer, had ik een wasbak en daar waste ik wel eens wat in, een bloesje, sokken, onderbroeken. Die hing ik dan om te drogen uit het raam aan een stok, gesteund tussen de spijlen van een stoelleuning. Dat werd oogluikend toegestaan. Alleen de onderbroeken mochten al gauw niet meer, het was wel een nètte buurt. De rest geurde bij het binnenhalen naar Tata Dobbelman. Inderdaad ook als de boel in Dreft gewassen was. Maar eigenlijk was dat wel lekker. Niet zo heerlijk als de geuren die tot 1972 de fabriek van Van Dungen Chocola op de Groenestraat verspreidde, niet zo eetlustopwekkend ook als de bouillon-, vermicelli- en Brintageuren van het Honigcomplex aan de Waalbanddijk, maar toch heel wat beter dan die Hoogovens in het Westen. Waarschijnlijk verspreidde Dobbelman ook wel fijnstof door de wijk Bottendaal en verder, maar het waren de jaren van de Club van Rome en die had het nog vooral, naast hier en daar wat zure regen, over de eindigheid van onze grondstoffen.

En voor de rest staat dit citaat eigenlijk nogal los van de inhoud van Paso Doble, de roman waaruit het komt, maar voor de stijl van dat boek is het wel kenmerkend. U kunt het eventueel gratis digitaal lezen via Doewina.nl…

Hoe dan ook ben ik vereerd met deze inscriptie en ik dank Monique de Koning en de werkgroep Literaire Bakens Nijmegen voor dit mooie gebaar.”

Tot zover mijn bijdrage in het klimaatdebat. Ik ga de tekst opzeggen als straks, ergens in april, een literair baken in Nijmegen bij de voormalige Dobbelmanfabriek aldaar wordt onthuld, met dit citaat als inscriptie in de gedenkzuil.

Of zal ik nog iets meer zeggen? Dat de Club van Rome wel degelijk voor alle ellende op milieugebied die ons nu ‘overvalt’ gewaarschuwd heeft? Dat alleen al haar prognoses ons de adem aanvankelijk benamen, hoewel ze veel minder ver gingen dan ze nu in werkelijkheid uitpakken? Maar dat het neoliberalisme en daarmee de absolute heiligverklaring van het vrije-marktprincipe eraan kwam en de meest vervuilende bedrijven, ondanks hun lippendienst aan het Rapport, vrolijk een extra dot gas gaven aan hun CO2- en stikstofuitstoot? Dat varkensteelt en vleesverwerkende industrie er nog een schepje bovenop deden, alles ten behoeve van de niet meer voor rede vatbare economische groei? Dat het dit economische systeem is, lieve mensen van het literaire baken, dat aan de basis ligt van alle milieuproblematiek, die wij nu als individu worden geacht op te lossen met zonnepanelen en een wamtepomp.

Maar niet doen, hè? Het moet wel gezellig blijven, daar bij die zuil. Bovendien zorgt dat Moskouse Napoleoncomplex nou in zijn eentje voor alle ballen op groen in het Westen.

Rest mij alleen nog te vermelden dat ik hier bij de locale verkiezingen op Groen Links wilde gaan stemmen. De PvdA had namelijk een speerpunt gemaakt van het afschaffen van de hondenbelasting. Weliswaar alleen voor de minima, maar toch. Grauwer heb ik de rooie erwten nooit gegeten, Fons. De goorste, smerigste milieuvervuilers van al, de in alle windrichtingen meurende hondenpoepmachines, wil mijn partij nu matsen. En waarom? Omdat iedereen in coronatijd een hond heeft aangeschaft, daarom. Niks principes: zieltjes winnen. Als het niet links-om wil, dan maar rechts-om. Dus wij de komende zomer weer telkens naar binnen vluchten, omdat zitten in de tuin met al die belastingvrij dampende PvdA-poep niet meer mogelijk is.

Maar toen heb ik toch weer PvdA gestemd.
Het zijn wel minima, hè…

Foute mannen

Dus dit is de manier om jou aan het bloggen te krijgen!
Had dat dan meteen gezegd Fons, jemig.

Natuurlijk voel jij je bij al die grensoverschrijdend-gedragdiscussies niet aangesproken, ze gaan niet over jou. Ze gaan niet over mijn vader, mijn broers of mijn buurman. Ook mijn hele afdeling Erfgoed bied ik hierbij mijn welgemeende excuses aan. Ik schaam me dood. Maar het gaat niet om mij natuurlijk, het gaat op de eerste plaats om de slachtoffers. De voorzitter, penningmeester, secretaris, het lid (ojee) belast met archeologische bronstijdartefacten en last but not least onze goeie ouwe ledenadministrateur, die niet eens weet wat dat zijn, grenzen, laat staan dat hij er ooit één zou overschrijden. Sorry, sorry, ik begrijp zelf ook niet hoe dit kon gebeuren.

Aan de andere kant denk ik toch wel dat een structurele aanpak in opvoeding en onderwijs ook de categorie foute mannen, want daar dacht ik het in mijn blog als vanzelfsprekend over te hebben, wat meer zelfinzicht kan bieden. Met name die categorie heeft gedurende mijn eigen ‘leeftijd’ wel erg veel wind in de zeilen gehad. Aan slogans alleen heb je niks, daar heb je groot gelijk in, maar aan bewustwording in de politiek, leidend tot een meer fundamentele aanpak, wel. Die fundamentele aanpak is er tot nu toe niet geweest.

Ik geloof trouwens niet dat Overmars zo’n rotzak is. Hij was zich alleen van geen kwaad bewust. Read my lips (ojee): awareness education.

De reacties in de media van vrienden, collega’s en leidinggevenden van aangeklaagde mannen – vooral dat bezwerende ‘het is natuurlijk op de eerste plaats erg voor de slachtoffers’ – hebben ook mij bijzonder vermaakt. Dit soort identieke antwoorden wordt hen door media-adviseurs, communicatiestrategen, spindoctors, dat hele etterende mediagezwel van ‘mannetjesmakers’, ingefluisterd en komt dan paradoxaal genoeg volkomen onoprecht over.

Je miste in mijn overigens prachtige – dat vergat je nog te zeggen – betoog het: “educate your daughter”. ‘Laat het je niet aanleunen’ schreef je, ”pik het niet (ojee, foute woordkeus), stel het wangedrag aan de kaak, meteen, en in het openbaar, laat hem een zeperd halen. Leer jonge vrouwen hoe ze zich het beste kunnen verweren tegen wangedrag van mannen. Assertiviteit en weerbaarheid. Niet altijd makkelijk, maar het is te doen.’

Ik weet het niet, Fons. Mensen in het openbaar af laten gaan, ze een zeperd laten halen, juich ik niet toe. Assertiviteit is ook iets waaraan ik eigenlijk een hekel heb. Ik hou niet van een cultuur waarin juist deze eigenschappen verlangd en gepropageerd worden, waarin mensen gedwongen worden ze aan te leren. Ik hou meer van terughoudend en bescheiden en zou zo graag juist die eigenschappen in het sociale domein als een culturele kernwaarde aangeprezen zien. Eigenlijk zijn het de eigenschappen die jouzelf sieren, maar vrouwen raad je ze af. Weg met zachtheid. Leer van je af te slaan. Daar moeten vrouwen tijd en energie in steken. Maar waarom moeten zij weer iets? Waarom niet het wangedrag dat hen belaagt wezenlijk aangepakt? Waarom zouden we er niet voor kiezen om bewust in opvoeding en programmatisch in onderwijs bescheidenheid aan te leren? Begin met het laatste en het eerste volgt.

Er stond vanochtend een artikel in de Volkskrant van Tineke Bennema, historicus, waaruit met mijn hartelijke instemming dit citaat over onze huidige cultuur: ‘Kinderen wordt in algemene zin bijgebracht dat ze zich maximaal moeten ontplooien; samenwerking, plichten, verantwoordelijkheid voor een ander staan nauwelijks meer op de agenda. Prestaties en promotie van jezelf om aandacht of macht, roem en rijkdom, des te meer. Voor beide seksen. Zo is een survival-of-the-fittestcultuur ontstaan, uiteraard op de golven van het liberalisme en recentelijk uitvergroot door de social media. Seks is vaak daarbij middel en doel. De sterkste, de machtigste, de man, maar inmiddels ook een vrouw, maakt in die jungle vaak misbruik van deze verstoorde verhoudingen.’

Met die ‘inmiddels ook een vrouw’ zal de politica Kündogan wel zijn bedoeld.
Benieuwd wat voor plaatjes die nou weer heeft rondgestuurd…

Zeep

Vorige week hield ik mijn QR- code voor de scanner bij de ingang van een restaurant. Hij werd niet geaccepteerd. Oh ja, dacht ik, dit is mijn internationale code, ik moet natuurlijk de Nederlandse hebben. Maar die werd ook niet geaccepteerd. Het was namelijk niet zozeer een scanner, zag ik toen, als wel een zeepdispenser. Benieuwd hoelang het nog duurt voor ik opgenomen word. Mijn vriendin denkt dat het al had gemoeten.

De Voice sensatie, met alles wat daar op volgde, tot en met de capriolen van mijn aanbeden idool vroem vroem Overmars, toonde opnieuw aan dat meisjes en vrouwen nog altijd als vanzelfsprekend geacht worden tijd en energie te steken in het afhouden van ongewenst gedrag, tijd en energie in het zich teweerstellen tegen opdringerigheid en stalking, tijd en enrgie in het doen van aangifte, tijd en energie in het ondergaan van politieverhoren, tijd en energie in het beschrijven van allerlei pijnlijke détails ten overstaan van, in mijn eigen ervaringen uitsluitend mannelijke, agenten, tijd en energie tenslotte in het mentaal overeind blijven bij het onvermijdelijke victim blaming en het inhaerente eigen-schuldgevoel.

Het zou fijn zijn als er nu eindelijk een bewuste cultuuromslag op gang kwam naar jongens en mannen die als vanzelfsprekend worden geacht tijd en energie te steken in verantwoordelijk gedrag. Dat mis ik mijn hele leven al, toch wel getekend door akelige ervaringen (beschreven o.a. in Katjes en Mawembe S.). Sinds #metoo lijkt er nu een begin van anders denken te ontstaan. Er zit wel veel ruis in al die meldingen en wat mij betreft daagt pervers kleed- en flirtgedrag wel degelijk uit tot grensoverschrijdende reacties, maar die kern van een cultuur waarin vrouwen almaar als vanzelfsprekend bezig moeten zijn met het anticiperen op en het verwerken van de gevolgen van zogenaamd natuurlijk jagersgedrag mag toch eindelijk wel eens echt aangepakt.

De intussen overbekende doorgestreepte slagzin ‘protect your daughter’ gecombineerd met het motto ‘educate your son’ vat het probleem treffend samen. Opvoeding en onderwijs, zo eenvoudig is het.

Onze cultuur behoeft een zeepdispenser.

.