Pakket zonder afzender

Dankjewel Fons, dat je ondanks al je zeer gewaardeerde politieke werkzaamheden toch tijd vond voor onze blog. Ik heb je bijdragen met veel genoegen gelezen.

Ooit doe ik ook weer mee, maar nu even alleen met een tussentijdse impressie. Kort en krachtig, zoals je van mij gewend bent, maar vooral ook zo beknopt omdat ik sinds mijn ongeluk begin maart vorig jaar niet meer kan zitten. Echt helemaal niet meer. Wel een tijdje staan, ook kleine stukjes lopen-met-stok en goddank weer gewoon liggen, zij het slechts op één zij. Over dat ongeluk en de nogal ingrijpende complicaties een andere keer meer. Voor nu is het voldoende om aan te stippen dat de bijbehorende pijn volcontinue aanwezig en daarom toch wel engiszins slopend is. Neem dan pijnstillers, zul je zeggen, maar daar heb ik na een jaar dankbaar gebruik genoeg van. Het is mooi en goed dat ze er zijn, maar mijn nog resterende denkvermogen raakte er teveel door van slag. Ik kon vaak niet meer op de simpelste woorden komen.

– Hoe heet dat ook weer, wat jij leuk vindt, met die ballen, keu en nog wat…
– Keukendivisie.

Biljart was het woord dat ik zocht, Fons. Mijn vriendin kan namelijk niet meer biljarten bij Zaal Verploegen sinds Zaal Verploegen, om plaats te maken voor ordinaire woningbouw, zonder enige ruggespraak met de biljarters afgebroken wordt. Maar als ik dan oprecht interesse voor zo’n deplorabele toestand toon, alleen wat hulp bij de formulering nodig heb, komt zij met keukendivisie.

Dan maar pijn, besloot ik, geen pijnstillers meer. Het ergst eraan toe zijn mijn beide zitbeentjes, vooral het linker, boven het hevig gefractureerde been, dat trouwens zelf ook zeer doet, vanwege het implantaat met de zeven pinnen er overdwars en schots en scheef doorheen. Dit implantaat moet er nodig weer uit. Maar ook daarover een andere keer meer. We houden het nu kort.

De zitbeentjes verdragen sinds juni vorig jaar geen enkele directe druk meer. Gewoon zitten, laat staan fietsen of autorijden: onmogelijk. Paardrijden? Vergeet het maar! Nou deed ik dat sowieso al niet, maar als het niet meer kan, ga je het toch missen.

Het enige waar deze zitbeentjes nog wat aan vinden, is met de rest van mij in gebogen houding onder de douche. Ze vinden het zachte gedril van de stralen fijn. Eigenlijk zouden ze het liefst samen met mij voor eeuwig zo onder de douche willen. Maar het morele kompas hier in huis is afgesteld op wat wel en niet mag van de duurzaamheidspolitie en die vindt langer dan drie, of met haren wassen erbij desnoods vijf, minuten per etmaal onder de douche grensoverschrijdend. Het mag heus wel een kwartier, maar dan morgen en overmorgen alleen wassen bij de kraan.

Dus ik dacht: wat te doen? Dit duurde een maand of tien, zonder bevredigende doorbraak. Door de pijnpoli van het ziekenhuis werd er intussen van alles geprobeerd, vooral via injecties her en der in het getroffen gebied, helaas resulterend in alleen maar nog meer pijn ter plaatse. Ze tasten in het duister omtrent de oorzaak. Zelf denk ik bij oorzaken altijd graag in de richting van kwantummechanische energieklontering, maar ze hebben eigenlijk liever niet dat ik meedenk. ‘Mánd!’ zegt ook mijn huisarts zodra ze mij ziet, wat kort is voor: ‘Hou het kort!’ Ze prefereren hun eigen conclusie dat het hier gaat om een soort op hol geslagen pijnalarmsysteem, een carrousel die voor zichzelf begonnen is. Ze noemen het sensitisatiepijn. Ook goed, maar dóe er dan iets aan!

Zo stond ik erin, tot mij ineens, een week of twee geleden, de airfryer te binnen schoot. Dat woord had ik goed onthouden. Ik had eerlijk gezegd tot een paar jaar terug, vóór de desbetreffende talkshow indertijd, nog nooit van airfryers gehoord. Nu echter popte die talkshow zomaar uit het niets weer op voor mijn geestesoog, met rond de tafel allerlei vrouwen die zich lyrisch toonden over de airfryer en de werking ervan ook plastisch, want ervaringsdeskundig, wisten uit te leggen. Ik noem hier slechts een Angela de Jong. Die zat er misschien zelf niet zozeer bij, maar het is de enige naam die mij nu te binnen wil schieten. Na alle oxycodon, morfine en nortriptyline wil mij als gezegd überhaupt niet zoveel meer te binnen schieten, dus ik ben allang blij met Angela de Jong. In ieder geval is zij wel altijd enthousiast over dingen. Ik zet het geluid dan wel vaak zachter of uit, omdat enthousiasme alleen al leuk zat is om naar te kijken. Overigens deed ik ook dat nogal onthecht, want bij talkshows graag met een half oog in de Donald Duck, die ik soms koop voor het kleinkind van een kennis hier en dan eerst zelf beoordeel op of het allemaal wel kán wat erin staat voor zo’n kind, vaak zie ik bijvoorbeeld dat de petjes van Kwik, Kwek en Kwak niet kloppen, dan heeft Kwik eerst een groen-zwart petje op en twee plaatjes verder ineens een geel-zwart, terwijl Kwek en Kwak wél gewoon hun eigen petje op houden! Maar kort en goed was mijn overheersende gedachte toen: het zal wel, ik heb geen airfryer nodig, maar het is een uitkomst voor vrouwen dat zoiets bestaat.

Nu echter, twee weken geleden, kreeg ik dus zomaar die onverwachte pop-up in mijn hoofd en begon ik een nader verkennende zoektocht op internet, waar tot mijn niet geringe verbazing allemaal hete-luchtapparaten verschenen, met als wervende slogan ‘makkelijk koken voor het hele gezin’. Geen wonder dat ik hiermee tot die talkshow helemaal niet bekend was. Ik kook nooit, laat staan voor het hele gezin. Mijn vriendin kookt, daar heb ik haar destijds op uitgezocht. Dat biljarten vond ik ook toen al eerder storend. Het was echt te vaak eerst biljarten en dan koken. En wie kon er dan weer patat gaan halen als het biljarten uitliep? Echt blij dat Zaal Verploegen tegen de vlakte gaat.

Nou, ik hou het bondig, maar wat ik, na enige kennelijk door Google noodzakelijk geachte smerige taal ingetikt te hebben, blijkbaar zocht, was de satisfyer. Niet airfryer Fons, noteer dat ergens. Een eurekamoment van eenzame klasse. Ik heb hem meteen besteld – het was op een donderdag – en uitzonderlijk discreet geleverd gekregen, zij het pas zaterdag door de buren, waar hij was bezorgd toen ik vrijdag zelf op mijn ene zij bij de tandarts lag. Ik heb een nieuwe tandarts, een hele kleine, Yusuf heet hij, die vond het leuk dat hij eindelijk eens iemand had die niet kon zitten, alleen liggen, zodat hij zelf niet zo boven z’n macht hoefde te werken. Bij anderen moest hij meestal zijn kruk hoger zetten en dan kreeg hij evengoed vaak nog pijn in zijn armen, zo vertelde hij, nu gewoon staand, licht gebogen zelfs, met een stralende glimlach boven mijn hoofd. Maar dit terzijde, het moet wel een impressie blijven. Mijn vorige huisarts zei als hij mij zag ‘Vat sámen!’ Maar ‘Mánd!’ is inderdaad beter. Krachtiger.

Er stond geen enkel traceerbaar verzendadres op het pakket dat de buren kwamen brengen, ook geen Philips of andere firmanaam, dus zij hebben zelf ook wel bedacht dat het hier hoogst waarschijnlijk niet om een standaard airfryer ging.

Hij ziet eruit als een lief soort drilhamertje. Ik heb hem heel voorzichtig op mijn zitbeentjes gericht en de drilfunctie dusdanig opgedraaid dat het effect zo goed mogelijk met de stralen van een douche te vergelijken zou zijn. Dit is niet waarmee het effect te vergelijken bleek. Het effect was dat het hele drilhamertje net precies niks, nul, nada hielp tegen de pijn.

Een volgende keer wellicht een kort en bondig evaluatieverslag van het gebruik voor het eigenlijke doel van dit kutapparaat. Die test moet nog, ik kan niet alles tegelijk.

Hebben we nou gewonnen of niet?

Ha Linie, gisteren heb ik mijn laatste artikel ingeleverd voor publicatie in ons ledenblad. Het lijkt mij een goed idee om het hier met je te delen. Ik heb het samen met een collega geschreven. Er is een klein beetje overlap met mijn vorige blog, maar hopelijk is dat geen bezwaar.

De campagne

De gemeenteraadsverkiezingen zijn achter de rug, de uitslag is bekend. Achteraf zeggen alle betrokkenen bij GroenLinks-PvdA tegen elkaar: we hebben een heel goede campagne gevoerd, de beste in jaren. Dat we dat zo beleefd hebben is ook wel begrijpelijk. We hebben maanden aan de voorbereiding gewerkt, en in de weken vóór de verkiezingsdatum zijn veel campagne-acties uitgevoerd door veel vrijwilligers, meer dan ooit. Wat daar bij geholpen heeft is dat we dat met twee partijen hebben gedaan. Misschien is campagne voeren wel de beste manier om een fusie van twee partijen voor te bereiden. Je moet samen campagne-acties bedenken, geld regelen, vrijwilligers mobiliseren, alles plannen en organiseren, en dat alles met het doel zoveel mogelijk stemmen te winnen. Met twee partijen kun je de krachten bundelen. Je hebt meer denkkracht, meer menskracht, meer vindingrijkheid. Je leert elkaar nog beter kennen dan je al deed. En hoewel de partijen officieel nog niet zijn gefuseerd, functioneerden tijdens de campagne de beide afdelingen al als één geheel, als één team.

We hadden trouwens net een campagne achter de rug: die voor de landelijke verkiezingen van 29 oktober. Twee verkiezingen achter elkaar in minder dan vijf maanden moeten we niet te vaak doen, is onze ervaring. Er is wel het voordeel, dat je bij de tweede campagne van de recente ervaringen uit de eerste campagne gebruik kunt maken, maar bij elkaar is het toch wel een drukke periode. En wat hebben de landelijke verkiezingen ons opgeleverd? Het rechtse kabinet Schoof, beschamend desastreus en langdurig demissionair, werd ingeruild voor een rechts minderheidskabinet onder leiding van D66. Minder desastreus, maar of we er echt mee gaan opschieten moet nog blijken.

Maar goed. Wat hebben wij voor de gemeenteraadsverkiezingen allemaal gedaan om kiezers te winnen? Wat op ons de meeste indruk heeft gemaakt is de manier waarop onze kandidaten zich hebben gepresenteerd. Zij hebben veel tijd en energie gestoken, vooral de twee maanden voor 18 maart, in het uitdragen van waar GroenLinks-PvdA voor staat. Ze waren te zien in de openbare debatten; in totaal zijn er zeven gehouden. Veel van die debatten zijn op de regionale TV uitgezonden. Daarnaast werden via de radio interviews uitgezonden met enkele lijsttrekkers die met elkaar in gesprek gingen over hun belangrijkste programmapunten. Ook individueel hebben lijsttrekkers en andere kandidaten interviews gegeven. Ter afsluiting was er het grote lijsttrekkersdebat in de Kruispuntkerk. En dan was er ook de kandidatenfolder, die in zowat het hele dorp is verspreid. Daarin presenteren de eerste acht kandidaten op de lijst zich met hun persoonlijke motieven om zich in de raad in te spannen voor verbeteringen in ons dorp.

Wat we dit keer veel meer gedaan hebben dan in vorige campagnes is GroenLinks-PvdA zichtbaar maken in de sociale media, vooral Facebook, Instagram en TikTok. Een paar van onze vrijwilligers. die goed thuis zijn in de digitale wereld, hebben bijna dagelijks foto’s en korte filmpjes met quotes de wereld in gestuurd om de sociale-en-groene boodschap te uit te dragen. TikTok was nieuw voor ons in deze campagne. Het is met afstand het meest gebruikte sociale medium in Nederland, niet alleen bij schoolkinderen maar ook onder twintigers en dertigers, kortom potentiële kiezers. We hebben natuurlijk ook advertenties in de krant en op de website van Centraal+ geplaatst en reklameborden langs de weg gezet. Verder hebben we in deze campagne een nieuwe website in gebruik genomen: voorschoten.groenlinkspvda.nl. Daarop staan onze plannen met het dorp, onze kandidaten, onze actieve vrijwilligers en wat we allemaal doen. Deze website is voorlopig nog een campagnesite, maar is in feite de voorloper van onze nieuwe website, die de lucht ingaat na de fusie.

Campagnetijd maakt bij GroenLinks-PvdA ook veel creativiteit los. Zo kwam het idee op om iets te bedenken tegen de sigarettenpeuken, die steeds achteloos op straat worden achtergelaten. “Peukmeuk” zoals collega Conny dat noemde. De werkgroep Groen maakte daarvoor zo’n 20 peukenpotten (grote omgekeerde en beschilderde bloempotten) die verspreid over het dorp werden neergezet en waar rokende voorbijgangers hun peuken in kwijt konden. De inhoud van die potten werd achteraf bij het restafval gedaan. Het is natuurlijk veel beter om niet te roken, maar dat is een ander verhaal. Ook is veel aandacht besteed aan Vlietland, dat nog steeds bedreigd wordt met vernieling om plaats te maken voor 222 vakantiebungalows. Met een pubquiz, die samen met de Vrienden van Vlietland was georganiseerd, werd aandacht gevraagd voor deze bedreiging van het mooie recreatiepark.

Belangrijk onderdeel van de campagne was ook deze keer weer, wat wij noemen, de grondcampagne. Met zoveel mogelijk vrijwilligers erop uit om inwoners te ontmoeten en met hen te spreken over wat hen bezighoudt. Hoe vinden zij het in hun wijk, wat houdt hen bezig, zijn ze redelijk tevreden of zijn er zaken die hen dwars zitten. Naast zichtbaar zijn op TV en in de krant is het belangrijk in persoonlijke gesprekken luisteren naar wat inwoners beweegt. Het geeft ons als politieke partij een beeld van wat er leeft bij onze dorpsgenoten. De campagne wordt afgesloten met flyeren op drukke plaatsen in het dorp.

De uitslag

De uitslag is inmiddels bekend. GroenLinks-PvdA is de grootste partij in ons dorp, gaat vijf van de 21 zetels in de raad innemen en kan bij de vorming van een coalitie het voortouw nemen. Onze partij wordt op de voet gevolgd door de VVD, die wat gegroeid is en eveneens vijf zetels in de raad krijgt. VLokaal zakt van vier naar drie zetels, D66 blijft op drie zetels, de SP blijft op 1 zetel, en het CDA zakt van vier naar twee zetels. De laatste twee zetels zijn voor een partij die in Voorschoten voor het eerst aan de verkiezingen heeft meegedaan: Forum voor Democratie (FVD).

Dat we de grootste zijn is mooi, maar het campagneteam had gehoopt dat we nog wat zouden groeien, en dat is helaas niet gebeurd. En we zien opnieuw een verdere verrechtsing in het stemgedrag. Dat is een landelijk verschijnsel: FVD krijgt meer aanhang. Het is een partij die voedsel geeft aan het onbehagen en het wantrouwen, dat bij veel mensen is gegroeid over de overheid. De PVV heeft met deelname aan het vorige kabinet niets voor elkaar gekregen, en toen die partij de stekker er uittrok, kon FVD daar zijn voordeel mee doen. Ook in ons dorp merken wij dat nu.

Een voorbeeld. Wij hoorden de lijsttrekker van de FVD in een interview het volgende zeggen: “Ik lees in de Omgevingsvisie, dat er allerlei inspanningen voorzien zijn om autobezit en autogebruik te ontmoedigen en in het verlengde daarvan krijg ik toch een beetje het gevoel dat onder het mom van “groen” en gezelligheid” parkeerplaatsen opgeofferd worden, terwijl het eigenlijk onderdeel is van een groter strategisch plan om überhaupt autobezit en het gebruik van auto’s te ontmoedigen en dat vind ik een zeer onwenselijke ontwikkeling”. Kijk, dat bedoelen we nou: wantrouwen kweken over anderen, komplottheorieën verzinnen, in plaats van zelf met iets concreets komen. Kunnen we daar constructief mee samenwerken?

Hoe nu verder?

Het komt erop neer, dat we intensief, met veel overtuiging en ondersteund door veel vrijwilligers campagne hebben gevoerd, met als resultaat dat we, in raadszetels uitgedrukt, even groot zijn gebleven en om ons heen weer wat meer verrechtsing in het kiezersgedrag hebben kunnen waarnemen. Zeker, we zijn in ons dorp de grootste en hebben bij de coalitievorming het voortouw. Maar het is eens te meer duidelijk, dat een goede campagne niet persé het succes oplevert, dat je voor ogen hebt. Kunnen we het de volgende keer dan maar beter een beetje kalmaan doen? Natuurlijk niet. Het risico van tegenvallende resultaten wordt dan alleen maar groter. We kunnen wel met elkaar bekijken op welke punten we de volgende keer onze aanpak kunnen verbeteren. Onze suggestie daarbij is, dat we daar niet mee wachten tot er weer een campagne in het verschiet ligt. We gaan de komende periode werken aan de fusie. Als die ook in ons dorp een feit is, zou de methode van campagne voeren één van de thema’s kunnen zijn, die de nieuwe afdeling gaat oppakken. Wellicht is een permanente vorm van campagne voeren denkbaar, die de zichtbaarheid en betrokkenheid van PRO constant op peil houdt in ons dorp. Dat is misschien wel arbeidsintensief, maar we hebben straks een grotere afdeling en ook nog eens meer leden. Het is in ieder geval de moeite waard om eens te onderzoeken.

Daar ben ik weer

Zeven maanden geleden heb ik mijn laatste blog geschreven. De klad zat er in. Maar ik ga weer beginnen. Je mailde het terecht: eindelijk rust voor Fons. De campagne is klaar en we hebben een goed resultaat behaald. GroenLinks-PvdA is nu de grootste partij in ons dorp. Ik kan niet beweren dat dat alleen aan de campagneleider lag, maar een beetje trots ben ik toch wel. We hebben nu het initiatief bij de vorming van een coalitie. Als het goed uitpakt, hebben we straks een coalitie van GroenLinks-PvdA, VVD en D66. 13 van de 21 zetels. Of dat lukt moeten we natuurlijk eerst nog zien. En verder, ook wij hebben te maken verrechtsing. Niet allen is bij ons de VVD groter geworden, maar twee raadszetels worden straks bezet door types van FvD. Dat is wennen, het zijn geen andersdenkenden, maar lui die in de ruimte zwetsen en eigenlijk niets moeten hebben van de overheid. Zij zitten in de raad om het raadswerk af te kraken onder het motto: de bewoners hebben altijd gelijk; wat het gemeentebestuur wil is totaal niet belangrijk. We gaan het zien.

Of misschien ga ik het niet zien. Ik heb in februari aan mijn collega’s laten weten, dat ik per 1 mei stop met alle activiteiten voor de partij. Ik stap uit het bestuur, ik stap uit de redactie van het ledenblad, ik schrijf geen (jaar)verslagen meer voor de fractie, ik houd de website niet meer bij, ik leid geen campagnes meer, en ik schrijf geen column meer in de dorpskrant. De reden is vrij simpel: het is mooi geweest. Ik heb het graag gedaan, tot ik het niet meer leuk vond. Dat is nu. Ik had al een tijd het gevoel niet met pensioen te zijn maar een tamelijk drukke baan te hebben. Vooral de twee campagnes kort na elkaar waren behoorlijk zwaar. Dat ik zeven maanden geen blog heb geschreven heeft daar mee te maken. Als je zo vol zit met grote en kleine klussen, die allemaal een deadline hebben, ben je continu bezig met plannen en organiseren en proberen niets over het hoofd te zien. En jij weet ook hoe het bij een vrijwilligersorganisatie werkt: langs elkaar heen, voor de voeten lopen, te vroeg beginnen en te laat stoppen, of juist omgekeerd, niet altijd efficiënt, maar wel altijd met de beste bedoelingen en altijd in de goede richting. Bevredigend maar vermoeiend.

En hoe werkt het dan bij mij? Als ik in februari besluit 1 mei te stoppen, zakt mijn werklust al vrij snel in en doe ik al gauw zo min mogelijk, in de hoop dat het niet al te erg in de gaten loopt. Ik ben trouwens in de laatste fase van de campagne intensief geholpen door een paar collega’s die mij veel werk uit handen hebben genomen. Dat heeft mij enorm gestimuleerd bij het afbouwen. Ik heb nog een paar vergaderingen in april en dat is het dan. Intussen ben ik al bezig met andere dingen: boeken lezen, naar mijn favoriete muziek luisteren, met goede vrienden optrekken, tekening maken van C. Riom, uitstapjes en vakantie plannen. Een verademing kan ik je zeggen, en weer meer rust in mijn hoofd. En tijd om weer eens een blog te schrijven.

Jij hoopt ook ooit weer te beginnen met blogs schrijven. Dat hoop ik ook. Je wordt gemist op het web, niet alleen door mij. Uit je summiere berichtgeving maak ik op dat het nog steeds niet goed met je gaat. Wij beiden vinden dat spijtig. Wij zouden wel een dezer maanden op ziekenbezoek willen komen, maar wij weten niet of je dat op prijs stelt. Wil je dat ons laten weten?

Intussen heb ik een nieuw paspoort aangevraagd, en daarvoor een nieuwe pasfoto laten maken.

De foto zou niet misstaan in een uitzending van het programma “Opsporing verzocht” of op een openbare billboard van de politie met afbeeldingen van types die niets vermoedende bejaarden bestelen.

Ook nog een kleine tentoonstelling gezien van het werk van David Hockney. Die man weet hoe je een mooi schilderij moet maken.

Tot zover even. Ik ga proberen van het bloggen weer een vaste gewoonte te maken.

Mag je al lachen van de dokter?

De afgelopen dagen heb ik al zo veel geschreven, dat ik deze blog maar eens anders ga opzetten. Verheffend en toch leerzaam, kortom: film met geluid!

Hij wiens naam we niet mogen uitspreken

Celebrity meets royalty

43 jaar huwelijk in 1 minuut samengevat

Scheiden doet geen pijn

Een spiegel voor vrouwen

Pijnlijk, erg pijnlijk

Eerlijk delen

George Clooney op zijn nummer

Katten zijn net mensen

Een wonder

Een actrice over Gaza, niet om te lachen, heel aangrijpend

Yours sincerely,

De kunst van scherven

C. was jarig, zoals je weet, en bij ons gaat het dan zo dat de jarige mag bedenken hoe en waar de verjaardag gevierd gaat worden. C. wilde zoals ieder jaar in ieder geval dineren bij haar favoriete Japanse restaurant in Den Haag. Dat hebben we ook gedaan en het was weer vreselijk lekker en erg gezellig. Maar dit jaar wilde ze ook het Keramiekmuseum in Leeuwarden bezoeken. C. wil nu eenmaal alles op de wereld een keer gezien of beleefd hebben. Ik heb dat minder. En we waren al eens in Leeuwarden geweest, in 1992, en in mijn herinnering was het daar een dooie boel. En wat moet ik nou met keramiek? Maar bij gelegenheid van een verjaardag moet je over dat soort dingen niet miezemuizen, maar gewoon gezellig meedoen.

En zo lieten wij ons, de dag na C.’s verjaardag, drie uur lang openbaar vervoeren naar Leeuwarden. Laat ik het maar gelijk vertellen: het was geweldig. Leeuwarden heeft een bezienswaardig oud stadscentrum, omgeven door een ouderwetse singel, net als in Leiden, Zwolle en andere oudhollandse steden. Wij hadden mooi weer, het was markt, er waren veel terrasjes en er was veel volk op de been. We hebben twee dagen veel rondgelopen en veel moois gezien van de oude stad. In 2018 was Leeuwarden culturele hoofdstad van Europa. Eén van de bezienswaardigheden toen was een optocht van grote poppen, die als marionetten aan kraanwagens werden rondgereden.

Foto door ANP

Kennelijk waren de ervaringen van toen zo goed dat werd besloten tot een traditie in de vorm van een Friese kunst- en mienskipstriënnale: Arcadia. De eerste werd in 2022 gehouden en de tweede dus dit jaar. En wij hebben daar een stukje van meegemaakt. Op het plein voor de Oldehove (een oude scheve toren) is een open houten constructie geconstrueerd, Bouwurk genaamd, die er van bovenaf uitziet als een kruis, en waar 100 dagen lang van alles te doen is: kunstenaars aan het werk, oude ambachten, thematische workshops, theater, ook voor kinderen, live muziek en wat ze verder nog kunnen bedenken. In de rest van Friesland worden soortgelijke manifestaties georganiseerd.

Maar daar waren wij niet voor gekomen. Wij waren gekomen voor het Keramiekmuseum. Ook dat was voor mij, maar ook voor C. een aangename verrassing. Ik had kopjes, schoteltjes, schaaltjes en vaasjes verwacht. Die waren er ook, maar er was ook echte kunst te zien. Deze bijvoorbeeld:

Je ziet meteen wie dit zijn . . .

Of deze:

Er was zelfs een zaal ingericht met wat ik dan maar noem “oorlogskeramiek”:

De tentoonstelling bestond grotendeels uit scherven, en daar blijk je dus van alles mee te kunnen doen. Ik verdenk de kunstenaar er van, dat hij grote hoeveelheden gave voorwerpen van keramiek vakkundig heeft stukgeslagen, zodat hij er iets nieuws van kon maken. Veel interessanter dan een gaaf gebleven Ming-vaas of een zeldzame Louis Treize-schaal. Een atoombom van scherven, hoe bedenk je het.

De volgende dag hebben we een rondgang gemaakt door het oude centrum van de stad: in het stadspark langs de singel, een bezoek aan de Jacobijnerkerk, en ook aan de Blokhuispoort. Dat gebouwencomplex was vroeger een gevangenis, maar is nu door de middenstand in beslag genomen. Er is een Drink- en Eetlokaal dat “Proefverlof” heet en een café “De Bak”. In de cellen zijn nu winkeltjes gehuisvest, waar vooral kleding en hebbedingetjes werden aangeboden, huisvlijt zeg maar. Geen Hoog Catharijne, maar wel leuk bedacht.

En nu weer thuis. Ik kan deze week nog kalm aan doen, maar volgende week heb ik al weer vergaderingen, en vraagt de campagnestrategie weer aandacht. Ik krijg de indruk dat de VVD steeds meer bezig is zijn eigen graf te graven, maar misschien is dat wishful thinking. Dilan heeft Douwe Bob excuus aangeboden, omdat de VVD zakt in de peilingen. Dat mens heeft ook geen greintje integriteit . . .

Ik zal dr’ leren!